Fietstocht langs Neder Rijn en het Pannerdensch Kanaal


Een mooi voorbeeld van het rivierengebied met uiterwaarden en komkleigebieden is te zien bij een fietstocht langs Neder Rijn en het Pannerdens Kanaal. Deze verbinding tussen Waal en Rijn/IJssel is vanaf de dijk goed te overzien en wordt omgeven door een groot aantal natuurgebieden. Een groot deel van de route is fietspad. De lengte van de beschreven route is ongeveer 60 km maar u kunt natuurlijk ophouden en omkeren wanneer u wilt. Op het station van Arnhem zijn fietsen te huur.

De tocht begint bij Westervoort; komend vanuit Arnhem direct over de brug het fietspad rechtsaf naar beneden en op de dijk links. U fietst dus tegen de stroomrichting van de rivier. Hou steeds de buitendijk aan, dus steeds rechts aanhouden bij splitsingen.

Onderstaande beschrijving is toegespitst op de winter.
Direct al bij Westervoort ligt een aantal drassige weilanden met kans op steltlopers en plevieren als Wulp, Scholekster en Kievit. Het loont meestal de moeite een groep Kieviten af te zoeken op Goudplevieren en soms Kemphanen.
Op de rivier zijn overal eenden te zien evenals Aalscholvers. Ook kunnen er ganzen te zien zijn zoals Canadese Gans, Kolgans, Grauwe Gans, Brandgans en Nijlgans. Bij het voorbij fietsen vliegen overal Graspiepers op. Verder zijn soms ook groepen Kneuen en Putters te zien.

Na ongeveer vier kilometer komt het fietspad weer uit op de dijk en kunt u ook het binnendijkse landschap bekijken.

U ziet binnendijks een mooi voorbeeld van de komkleigronden: uitgestrekte graslanden met hier en daar een boerderij en wat beplanting; weinig vogels. Zo dicht bij de bebouwing zijn er ook niet veel ganzen die dit gebied gebruiken. Wel pleisteren er meestal een aantal Buizerds in het gebied.

Verder fietsend passeert u het dorp Loo. (hier kunt ook ook beginnen met de tocht langs de Oude Rijnstrangen)

Buitendijks wisselen de graslanden af met plasjes, kleine bosjes en af en toe een boerderij. Op en bij de plasjes zijn allerlei eenden te zien maar ook Grote Zaagbek en Nonnetje. Verder trekken er groepjes ganzen heen en weer op weg naar voedselgebieden. Het zijn voornamelijk Kolganzen maar ook groepjes Rietganzen zijn mogelijk. Tegenover Loo ligt in de uiterwaard het natuurontwikkelingsgebied Loowaard, waar in de winter ganzen en diverse soorten eenden zitten.

Na Loo blijft u de dijk volgen en komt u weer op een fietspad. (Tegenover de afrit naar links, kunt u rechtsaf de Loowaard in voor een kort bezoek.) Al gauw loopt het pad dood op de bouwplaats voor de tunnelingang van de Betuweroute, volg de bordjes van de Rijnstrangen fietsroute en u komt weer op de dijk. Vlak voor Pannerden gaat het fietspad weer over in de gewone weg.

Bij Pannerden ligt de Lobberdensche Waard. In de zomer is hier een grote kolonie Aalscholvers te vinden. In de winter zijn alleen de nesten in de wilgen te zien. Wel kunt u overal vissende Aalscholvers waarnemen. Vaak zijn in en rond de plasjes groepen Kolganzen te vinden en soms grote groepen Canadese Ganzen. Op de plassen zitten regelmatig: het Nonnetje, Grote Zaagbek en diverse eendensoorten, zoals: Wilde Eend, Krakeend, Wintertaling, Kuifeend, Tafeleend, Slobeend of Smient. Bij aanhoudend koud weer kunnen we hier ook Kleine Zwaan en Wilde Zwaan zien. Alle dieren laten zich vanaf de dijk meestal goed bekijken.

De volgende interessante plek bereikt u door de dijk richting Bijland te volgen.

Dit is in de zomer een watersportgebied, ontstaan door het winnen van zand. In de winter is het een belangrijke pleister- en slaapplaats voor grote hoeveelheden vogels. Behalve alle al eerder genoemde soorten treffen we hier meestal ook Brilduikers aan. Op de oever pleisteren soms grote groepen Kieviten, Meerkoeten en eenden; vooral Smienten. Let ook op Goudplevieren. Op de eilandjes zitten meestal grote groepen Aalscholvers.De Bijland is van groot belang als drink- en slaapplaats voor ganzen. In de middag kunnen groepen van duizenden Kolganzen gezien worden die even komen drinken en wassen en daarna weer vertrekken om te foerageren. In de avondschemering komen ze weer terug om daar te slapen. De aantallen kunnen oplopen tot enkele tienduizenden.
Leden van de Vogelwerkgroep Arnhem eo doen vanaf 1989 onderzoek naar de broedvogels in de Gelderse Poort. De telresultaten worden samengevat in een rapport dat in 2002 verschijnt.

Door de dijk te volgen rondom het water bereikt u Tolkamer, het verste punt van de route. Houdt bij Tolkamer rechts aan, langs Tuindorp en de haven waarna u aan de zuidkant langs de Bijland rijdt. Volg weer het fietspad (Eurobike route) en na enig gekronkel en een bruggetje komt u weer in de Lobberdensche Waard terecht. U rijdt dan langs een diepe plas waar alleen wat duikeenden en futen te zien zijn en bereikt zo weer de dijk bij Pannerden. Vandaar fietst u weer dezelfde route terug naar Arnhem. Een alternatief is om net na Pannerden het pontje te nemen richting Doornenburg. Door aan de overkant de dijk te blijven volgen komt u ook weer in Arnhem. Ook aan die zijde van het Pannerdens kanaal is veel te zien. Via Huissen en Arnhem-Zuid en de brug over de Rijn komt u weer in Arnhem.