Sonsbeek | Lauwersgracht | Immerloo
Park Sonsbeek
Sonsbeek is een van de bekendste parken in Arnhem. Het vormt een geheel met
de naburige landgoederen Gulden Bodem en Zijpendaal. Van oorsprong is het
een landgoed. Toen verkoop dreigde ten behoeve van woningbouw heeft de gemeente
een deel ervan aangekocht en bestemd als stadspark. Gelukkig; want een zeer
fraai park is het resultaat. Waterpartijen, beken (Jansbeek) met (kunstmatige)
watervallen, grasvelden en ruige weilanden, oude loofbossen en fikse heuvels,
De Jansbeek bood in vroeger dagen plaats aan maar liefst zeven watermolens.
Eén van de zeven huisvest nu Bezoekerscentrum de Watermolen en een nu nog
werkende korenmolen. Het heldere water in de beken en vijvers is afkomstig
uit de bodem van de Veluwe.
Beuk en Eik bepalen het aanzicht van het park, een aantal van deze bomen is
tussen de 100 en 200 jaar oud. Amerikaanse eik, Berk en Els ondersteunen het
beeld. Kenners ontdekken ook minder alledaagse bomen zoals bijvoorbeeld de
Tulpenboom, Vleugelnoot en Hongaarse Eik. Iedere boom heeft zijn eigen plek:
Elzen langs het water; Beuken op de hogere drogere delen.
De hoogteverschillen en de afwisseling tussen bos en open veld bieden verrassende
uitzichten op de stad.
Vogels in Sonsbeek
De Vogelwerkgroep Arnhem en omstreken heeft in 1998 onderzoek gedaan naar
de vogels in Sonsbeek en in de aangrenzende parken Zijpendaal en Gulden Bodem.
Er broeden maar liefst 64 verschillende soorten.
Een aantal van deze vogels maakt gebruik van natuurlijke holtes in bomen.
Zo hakken de spechten zelf een gat in een - niet meer zo vitale boom - terwijl
andere soorten een holte gebruiken die er al is. Holenbroeders zijn ondermeer:
de spechten, de mezen, Grauwe en Bonte
Vliegenvanger, Gekraagde Roodstaart en Holenduif.
De Grote Bonte Specht is de talrijkste en de bekendste
specht, maar ook de Kleine Bonte (zo groot als
een Koolmees), Groene
Specht en Zwarte
Specht broeden er. Beide laatstgenoemde soorten broedden in 1982 (eerder
onderzoek) nog niet in Sonsbeek.
Andere talrijke broedvogels zijn: Vink, Spreeuw, Boomklever,
Boomkruiper, Tjiftjaf, Zwartkop, Merel, Roodborst en Winterkoning en
Houtduif.
Op het eiland in de Grote Vijver broedt een kolonie Blauwe
Reigers in de bomen; het geluid wijst de weg.
In en rond het water zijn er eenden. De Wilde Eend
en stadseenden - ook wel soepeenden - zijn het talrijkst. Een stadseend is
eigenlijk geen vogelsoort, het is een verzamelnaam voor een bonte verscheidenheid
aan bastaardeenden. Een aantal van deze bonte vogels is dan ook individueel
herkenbaar aan de kleurtekening. De Mandarijneend
is een kleinere bontgekleurde eend. Het is een uitheemse vogel die zich kennelijk
goed thuisvoelt in Sonsbeek, gezien het aantal broedparen. Het is de moeite
waard om de eenden goed te bekijken: Kuifeend, Tafeleend,
Carolina Eend en soms ook een Grote Zaagbek
op de vijvers. Meerkoet en Waterhoen
zijn ook aanwezig.
Aparte vermelding verdient de IJsvogel. Elke winter
verblijven meerdere exemplaren langs de vijvers en beken in het park. 's Morgens
als het nog rustig is zijn ze meestal goed te zien.
De winter is een goeie tijd om in de kale bomen te beginnen met vogels kijken,
aan het eind van de winter begint het koor van zangvogels. Langzamerhand komt
het op volle sterkte, maar dan verbergen de bladeren de vogels voor de waarnemer.
Dan is het handig als u de zang kent.
Bereikbaarheid
Het park is heel makkelijk te vinden. Vanuit het station komend, slaat u linksaf
en wandelt u langs bouwwerkzaamheden en wat kantoren richting Willemsplein.
Langs het VVV kantoor lopend ziet u een spoorbrug. Loop daar onder door en
schuin voor u (rechts) ligt het park. Iets verder rechtdoor vindt u het bezoekerscentrum
de Watermolen.
Meer informatie
Meer informatie over het Park Sonsbeek is te vinden op de site
van de Vrienden van Sonsbeek. Op de site van de VWG is ook een aparte
pagina gewijd aan het voorkomen van de IJsvogel
in Sonsbeek.
Lauwersgracht
Een klein park dat tussen twee drukke verkeerswegen ligt: de Eusebiusbinnensingel
en Eusebiusbuitensingel. De vogelbevolking is trouw aan de plek. In de herfst
zoeken Spreeuwen er een slaapplaats voor de nacht.
In de winter zoeken stadseenden, Wilde Eenden,
stadsganzen en Kokmeeuwen het water op om een graantje
mee te pikken van het brood dat er gestrooid wordt. Ook komen er dan soorten
als Mandarijneend, Kuifeend, Meerkoet en Fuut
voor. Een paartje Nijlganzen brengt er in elk voorjaar
jongen groot.
Ook hier zijn de bastaardeenden en -ganzen als individu herkenbaar.
De kleine zangvogels hebben hier moeite om boven het verkeerslawaai uit te
komen. De kraaien horen ook tot de groep van zangvogels. Het geluid van Kauw
en Vlaamse Gaai is luid
genoeg. Kauwtjes leven in groepen, als u er de tijd voor neemt, kunt u het
onderlinge contact van deze vogels gadeslaan.
Immerloo
Park Immerloo ligt in Arnhem-Zuid tussen de woonwijken Vredenburg en het Duifje.
Het is een jong park met nu nog veel snelle groeiers als Populier en Wilg.
Als deze soorten hun tijd gehad hebben, nemen Iepen en Eiken het over. De
bomen worden omringd door struiken en uiteraard zijn er grasvelden en wandelpaden.
Het is heel boeiend om te zien hoe dit park zich in haar 30 jaren van bestaan
ontwikkelt.
Het water biedt voedsel en rust voor andere vogelsoorten dan de parken in
Arnhem-Noord. De nabijheid van de uiterwaarden heeft tot gevolg dat er vaker
soorten als Fuut, Kuifeend,
Aalscholver en ganzen langskomen.
De zangvogelbevolking wijkt iets af van de noordelijke parken. De Boomklever
is hier bijvoorbeeld een zeldzame verschijning. De Fitis
houdt van jong bos, zijn jubel-lied klinkt hier overal. Regelmatige menselijke
bezoekers van het park kunnen leuke soorten zien, we zijn benieuwd naar uw
bevindingen.
Eén van onze waarnemers woont aan de rand van het park, hij zag in het vroege
voorjaar in zijn tuin tal van zangvogels zoals Zwarte
Mees, Pimpelmees, Staartmees, Appelvink en Winterkoning.