home | nieuw | waarnemingen | faq | soorten | biotopen | plekken | seizoen | links
Vogelwerkgroep | oproepen | tellingen | Vlerk

 

Vogels in en rond Arnhem

Lenteboden: zingende vogels, mysterieus gejammer en een wandelende roofvogel


De winter gaat over in het voorjaar. De dagen worden langer en de temperaturen gaan omhoog. Zodra het iets warmer wordt, weerklinkt in de vroege ochtend de zang van Roodborst, Heggemus, Zanglijster en Merel.
Zo kunnen in heel Arnhem al zingende Heggemussen gehoord worden. Deze vogelsoort is meestal wel één van de eersten die het voorjaar aankondigen. Meestal zittend in de top van een struik of aan het uiteinde van een boomtak, laten ze hun korte sjirpende zang horen. Overal waar wat meer struiken bij elkaar staan is de Heggemus te verwachten, dus ook in veel Arnhemse parken en tuinen.
Een soort die zich veel luidruchtiger laat horen is de Zanglijster. Ook deze vogel zingt nu al. In de vroege ochtendschemering laat hij vanuit boomtoppen in parken en wat grotere tuinen zijn melodieuze zang horen. Korte stukjes zang worden vaak drie of viermaal achter elkaar herhaald voordat er weer een nieuw melodietje ingezet wordt. Het geluid draagt zeer ver en is zeker in de stilte van de ochtend erg opvallend.
De Merel is de laatste weken ook al te horen. Het is nog wat minder uitbundig maar hier en daar kunnen al zingende mannetjes gehoord worden. De Merel herhaalt zijn stukjes zang niet zoals de Zanglijster, maar heeft ook een zeer melodieuze zang. Hij is bekend van vroege zomerochtenden en de avondschemering op zwoele zomeravonden.
Een andere soort die hier genoemd kan worden is de Bosuil. Deze is er altijd vroeg bij, onafhankelijk van het weer. Ook bij flinke vorst beginnen ze al in januari te roepen: het bekende mysterieuze gejammer in het bos. Voor de Bosuil begint dan de broedtijd al. De Blauwe reigers zoeken hun broedkolonies weer op, de eerste jongen worden al in maart geboren. Regelmatige bezoekers en omwonenden van Park Sonsbeek horen deze kolonievogels al van verre. De Roek is ook een kolonievogel. Bekende kolonieplekken zijn de omgeving van Bingerden, de Havikerwaard en in de bebouwde kom van Brummen. Ook deze kolonies zijn alweer bezet. De nesten zijn goed zichtbaar in de winterkale bomen.

Wandelende Buizerden
Een opvallend verschijnsel is momenteel het foerageergedrag van de Buizerd. Deze forse roofvogel die vooral in open (weide-)gebieden te zien is, leeft normaal van aas en kleine dieren, zoals muizen. Uitkijkend vanaf een weidepaaltje probeert hij zijn prooi te lokaliseren en te vangen. In jaren waarin muizen schaars zijn, schakelt de Buizerd over op regenwormen. Ook dit jaar is dat blijkbaar het geval. Overal kunnen nu Buizerden waargenomen worden die schijnbaar op het gemak door weilanden en andere graslanden 'wandelen'. Af en toe pikken ze iets op van de grond. Ze zijn dan vooral uit op regenwormen, slakken en ander klein spul om de honger mee te stillen. Een ongewoon gezicht.


 

naar boven

home | nieuw | waarnemingen | faq | soorten | biotopen | plekken | seizoen | links
Vogelwerkgroep | oproepen | tellingen | Vlerk
contact